Geboren in Brouwhuis als zoon van Remie Bellemakers en Pascal van Liempt, en broer van Siebe, heb ik mijn jeugd doorgebracht in een echt mannenhuishouden. Helaas heb ik mijn moeder op jonge leeftijd moeten verliezen, waardoor wij met drie mannen in de Tongelreep verder zijn opgegroeid — iets wat mij heeft gevormd, sterker gemaakt en erg hecht met mijn familie.

Onlangs ben ik verhuisd van de Heese naar de Wevestraat, waar ik samenwoon met mijn grote liefde Juul Verstappen, met wie ik inmiddels ruim 7 jaar samen ben, én onze trouwe viervoeter Maev. Na het carnavalsseizoen mogen wij ons gaan verheugen op een prachtig vooruitzicht: de komst van ons eerste kindje.

Inmiddels voel ik mij volledig ingeburgerd in de Stiphoutse gemeenschap. Ik heb hier écht mijn plek gevonden. Zelfs sportief gezien heb ik de overstap gemaakt: na jarenlang te hebben gevoetbald in Brandevoort ben ik nu onderdeel van Stiphout 5. Daarnaast zet ik me actief in voor diverse commissies, met als paradepaardje mijn rol als bestuurslid bij Stiphout Events.

Dit jaar mocht ik mijn debuut maken als carnavalsartiest, iets waar ik enorm van geniet. Ook binnen mijn werk zit ik op een prachtige plek: ik werk samen met mijn zwager Giel binnen ons familiebedrijf Harotex, waar wij langzaam klaargestoomd worden om het stokje over te nemen van schoonvader en oud-prins Toine Verstappen. Wat begon als het verkopen van jaloezieën is uitgegroeid tot het samen met een mooi team creëren van warme, gezellige woningen voor vele huishoudens. Op dat bedrijf ben ik meer dan trots.

En vandaag mag ik nóg trotser zijn: dat ik nu Prins mag zijn van de club die mij in dit dorp heeft laten aarden.

 Ten eerste:

Dat wij Prins Dennis bedanken omdat hij dit jaar de absolute gangmaker was. Waar Dennis verschijnt, volgt de stemming vanzelf — en meestal ook de rest van de zaal.

Ten tweede:

Dat wij samen met de Prins van de Spurriebemmels elkaar dit jaar gaan versterken. Waar wij binnenkomen, maken we er dubbel feest van.

Ten derde:

Dat we als club laten zien wat een gevarieerd en prachtig gezelschap we hebben. De jongeren gaan er vol tegenaan en de ouderen laten zien hoe je écht feestviert.

Ten vierde:

Dat de dansmarietjes dit jaar weer bewijzen dat ze eigenlijk een Olympische sport beoefenen. Alleen jammer dat de Winterspelen tijdens carnaval vallen, anders hadden ze bij de Spurriezeiers met goud naar huis gegaan.

Ten vijfde:

Dat de hofkapel er dit jaar weer vol tegenaan blaast. En niemand hoeft te schrikken als er eens een toon klinkt die niet bestaat — dat is geen fout, dat is creativiteit.

Ten zesde:

Dat mijn Juul, die tijdens carnaval hoogzwanger is, een beetje extra in de gaten gehouden mag worden. En dat iedereen — net als ik — lief voor haar is, haar helpt waar nodig en gerust zijn kruk afgeeft als zij wil zitten.

Ten zevende:

Dat mijn officiële debuut als Jorn Jaloezie hiermee is gemaakt. En dat mijn carnavalslied “Jij houdt mij op de been” in zoveel cafés door de speakers mag knallen dat iedereen vanzelf meezingt.

Ten achtste:

Dat ik alle vertrouwen heb in mijn team bij Harotex. Zelfs als ik ergens een liedje sta te zingen, worden er nog steeds mooie gordijnen gemaakt — en daar ben ik ontzettend trots op.

Ten negende:

Dat Vorst Mark dit jaar voor het laatst over de speakers klinkt en het stokje zal overdragen. Hij verdient een knallend afscheid dat niemand ooit meer vergeet.

Ten tiende:

Dat dit jaar nog mooier wordt dan het vorige. En toen was het al fantastisch, dus dat belooft wat.

Ten elfde:

Dat ik iedereen van harte uitnodig voor de receptie op 18 januari om 13:00 uur in de Kurref. Kom gezellig langs en vier het mee.